Door Willem Altena
De meteorologen mogen vaststellen dat de afgelopen winter warmer was dan normaal. Wij van de ijsclub vinden het er eentje om in te lijsten. Weerkundigen vegen alle wintermaanden op een hoopje en komen dan uit op een tempgemiddelde. Wij vegen alleen de baan en zijn met zegge en schrijve één (1) schaatsfeestdag al voor de rest van het hele jaar superblij en voldaan.
En met ons al die honderden schaatsliefhebbers – kleuters, jongens, meisjes, ouders, pake’s en beppe’s, groepjes en eenlingen – die zich op de gedenkwaardige 11de januari op onze mooie en gezellige puurnatuurijsbaan aan de Leeuwarderweg ‘de busen út’ vermaakten.
Iedereen (de meteorologen inbegrepen) hoopt op een ijzige toegift van Koning Winter. Maar die blijft tot dusver uit. Thialf lijkt met de noorderzon vertrokken. De kans dat ie op een dikke sneeuwwolk naar onze dreven terugdrijft, is niet groot. Helemaal onmogelijk is het natuurlijk niet; ook op onze baan is er in de eerste helft van maart meer dan eens geschaatst! Vroeger…
Het is dezer dagen zulk uitgelezen lenteweer dat de ijzologen van IJsklup Sneek 1871 zonder dralen hebben besloten het water nu al van de baan te laten stromen. Daar moeten verschillende handelingen voor worden verricht. Om de afvoer in gang te zetten, draaien de vrijwilligers Klaas de Jong en Jacoline Engelmoer de kraan in de betonnen put tussen baan en het nabije slootje open.

Het water wordt zo geleidelijk geloosd op de Swette en de ringvaart langs de stadsrondweg, onderdeel van de zogeheten Friese boezem. Met her en der flinke peilverschillen. Zoals bij de sloot naast het Zwettebos die langs de parallelweg van de N354 richting Scharnegoutum loopt.
De ijsmeesters Jelle Plantinga, links, en Pé Nota balanceren op een smalle houten dam om met een grote hark vlak boven de bodem de (voor het oog onzichtbare) stalen afsluitschuif omhoog te kunnen trekken. Als dat tenslotte lukt, spuit het vrijkomende water met kracht de lager liggende bermsloot in.

Verderop, nabij het boerderijtje Pasveer, gaat het via een lange buis onder de provinciale weg door naar de ringvaart. Zo nu en dan moet de inlaat van takjes, bladeren en ‘blauwe jeiter’ worden ontdaan. Als na vier, vijf dagen (en nachten) de massa van ruim 5000 kuub aan ijsbaanwater is weggelopen, duurt het nog een paar weken voordat het grasveld zonder laarzen is te betreden.

Een drainagesysteem zorgt er vanaf dat moment voor dat overtollig (hemel)water automatisch door een elektrische pomp vanuit de ijsbaansloot (binnen het hek) wordt overgeheveld naar de nabij gelegen Swette.
Nog even, en dan is het smûke terrein weer het domein van mikkende handboogschutters, sportende scholieren, nijvere imkers, hongerige honingbijen, nestelende vogels en volop groeiende en bloeiende veldboeketbloemen.




